Over het algemeen heeft de praktijk met alle zorgverzekeraars een contract maar als je er zeker van wilt zijn, check het dan van te voren, elk jaar zijn er weer nieuwe contracten. De kosten van je behandeling worden rechtstreeks rechtstreeks bij de verzekeraar gedeclareerd. Je ontvangt hiervoor geen factuur.
BGGZ valt wel onder het eigen risico. Heb je in het betreffende kalenderjaar nog eigen risico openstaan, dan kan je zorgverzekeraar dit bij jou in rekening brengen. Loopt je behandeling door in een nieuw kalenderjaar, dan is opnieuw het eigen risico van dat jaar van toepassing.
Hoe worden de kosten van een behandeling bepaald?
Binnen de GGZ wordt gewerkt met het Zorgprestatiemodel. Er is geen vast tarief voor een volledig behandeltraject. Het tarief per afspraak hangt onder andere af van:
- het soort afspraak, bijvoorbeeld diagnostiek of behandeling;
- de duur van de afspraak
Bij gecontracteerde GGZ gelden de tarieven die jouw zorgverzekeraar heeft afgesproken. Deze kunnen afwijken van de maximale NZa-tarieven.
Heb je op één dag meerdere keren contact met je zorgverlener via e-mail of chat? Dan kan dit als 1 consult op de rekening staan.
Tarieven voor onvergoede zorg
De tarieven voor onvergoede zorg komen overeen met de bovenstaande NZA-tarieven met een korting van 10%. Indien nodig wordt een inkomensafhankelijk tarief, in overleg vastgesteld.
No show
Behandelingen dienen 48 uur tevoren te worden afgemeld. Is dit niet het geval dan wordt er 50% van het NZa behandeltarief (afhankelijk van de gereserveerde tijd) in rekening gebracht. De factuur dient door u zelf te worden betaald.
Download de link voor de NZa tarieven 2026https://www.nza.nl/actueel/nieuws/2025/09/04/ggz-tarieven-voor-2026-compleet
Bijlage 2.
Zorgvraagtypering
Het zorgvraagtype geeft informatie over jouw zorgvraag. Je zorgverlener kan die bijvoorbeeld gebruiken bij het opstellen van een behandelplan. Het zorgvraagtype bepaalt niet de prijs van de behandeling. Dat doen de zorgprestaties die je krijgt.
Elke patiënt is uniek. Maar verschillende patiënten hebben wel gemeenschappelijke kenmerken. Een diagnose moet wel gesteld worden, maar zegt weinig over hoeveel zorg iemand nodig heeft. De zorgvraagtypering is een indeling van groepen patiënten aan de hand van de hoeveelheid en de ernst van hun klachten en problemen. Deze praktijk levert zorgvraagtypen 1 tot en met 4, geschikt voor behandeling binnen de generalistische Basis-GGZ. Is er sprake van de zorgvraagtypen 5 tot en met 8 of hoger dan is behandeling binnen de gespecialiseerde GGZ of elders geïndiceerd.
De zorgvraagtypering wordt gedaan met behulp van een vragenlijst genaamd HoNOS+. Deze vragenlijst wordt door de behandelaar zelf ingevuld aan de hand van de klachten en problemen van de client. Op basis van de antwoorden op de HONOS+ bepaalt de regiebehandelaar welk zorgvraagtype het beste bij jouw klachten en problemen past. Dat geeft informatie over de verwachte behandelinzet en dit moet ook op de factuur van de behandeling vermeld worden. De zorgvraagtypering is niet hetzelfde als het behandelplan. Het behandelplan geef weer welke behandeling er met jou afgesproken wordt op grond van jouw diagnose en de doelen die je samen met de behandelaar afspreekt. Tijdens de behandeling zal je handelaar bij tussentijdse evaluaties opnieuw de HoNOS+ bij je nemen. Op basis daarvan zal gekeken worden of de behandeling bijgesteld moet worden en of de behandeling wellicht beëindigd kan worden. Uiteraard gebeurt dit altijd in afstemming met jou.
Cliënten die binnen zorgvraagtype 1-4 vallen:
Een zorgvraag die verband houdt met een psychische aandoening, maar waarbij geen sprake is of sprake is geweest van verontrustende psychotische symptomen en/ of wanen en hallucinaties
1 Psychische aandoening – lichte problematiek
Algemene omschrijving: Deze groep heeft klachten, zoals een depressieve stemming, angst, rouw of andere psychische klachten, de impact daarvan is echter beperkt. Er kan sprake zijn van middelenmisbruik.
Exclusief: Er is geen sprake van verontrustende psychotische symptomen. Beperkingen Het is niet waarschijnlijk dat de stoornis leidt tot ontregeling van het algemeen dagelijks functioneren.
Risico: Er is waarschijnlijk geen sprake van risico’s.
Beloop: De problematiek is veelal van korte duur en gerelateerd aan levensgebeurtenissen. Evaluatie • Indicatieve periode van zorg: 8-12 weken • Suggestie reviewtermijn: 12 weken
2 Psychische aandoening – lichte problematiek met grotere zorgvraag
Algemene omschrijving: Deze groep heeft klachten, zoals een depressieve stemming, angst of andere psychische klachten; de impact daarvan is echter beperkt. Patiënten hebben mogelijk al eerder zorg ontvangen, gerelateerd aan zorgvraagtype 1, en hebben nu meer specifieke interventies nodig, of zij zijn eerder met succes behandeld binnen een hoger zorgvraagtype en presenteren nu mildere symptomen. Er kan sprake zijn van middelenmisbruik.
Exclusief: Er is geen sprake van verontrustende psychotische symptomen.
Beperkingen: Het is niet waarschijnlijk dat de stoornis leidt tot ontregeling van het algemeen dagelijks functioneren, maar patiënten kunnen lichte beperkingen ervaren. Risico Risico Er is waarschijnlijk geen sprake van risico’s.
Beloop: De problematiek is veelal van korte duur en gerelateerd aan levensgebeurtenissen. Evaluatie • Indicatieve periode van zorg: 12-15 weken • Suggestie reviewtermijn: 15 weken
3 Psychische aandoening – matige problematiek
Algemene omschrijving: Deze groep heeft matige klachten, zoals een depressieve stemming, angsten of andere psychische klachten.
Exclusief: Er is geen sprake van verontrustende psychotische symptomen. Er kan sprake zijn van middelenmisbruik.
Beperkingen: Het is niet waarschijnlijk dat de stoornis leidt tot ontregeling van het algemeen dagelijks functioneren, maar patiënten kunnen matige beperkingen ervaren. Risico Er is waarschijnlijk geen sprake van risico’s.
Beloop: Van korte duur of onderdeel van laagfrequente behandeling.
Evaluatie • Indicatieve periode van zorg: 6 maanden • Suggestie reviewtermijn: 3 maanden
4 Psychische aandoening – ernstige problematiek
Algemene omschrijving: Deze groep heeft een ernstige depressie en/of angsten en/of andere ernstige psychische of gedragsproblemen. De patiënt ervaart ontregeling van het dagelijks functioneren en er kan sprake zijn van een verhoogd risico op zelfbeschadiging, suïcidale gedachten of suïcidaal gedrag. Er kan sprake zijn van middelenmisbruik.
Exclusief: Er is geen sprake van verontrustende psychotische symptomen.
Beperkingen: Er kan sprake zijn van een duidelijke ontregeling van het algemeen dagelijks functioneren.
Risico: Er kan sprake zijn van een verhoogd risico op zelfbeschadiging, suïcidale gedachten of suïcidaal gedrag.
Beloop Behandeling is nodig om verbetering te bereiken of te voorkomen dat er een verslechtering optreedt met negatieve gevolgen voor het functioneren op lange termijn. Evaluatie • Indicatieve periode van zorg: 6-18 maanden • Suggestie reviewtermijn: 6 maanden.